De vrouwenthriller onder hoogspanning. Critici over literaire thrillers

Met het steeds hoger worden van de stapel Nederlandse vrouwenthrillers, lijkt de laatste jaren de weerstand bij critici tegen de voorspelbaarheid en de herkenbaarheid van de ‘damessuspense’ evenredig te groeien. Terwijl de populariteit bij het grote publiek toeneemt en het marktaandeel van het genre stijgt, struikelen recensenten in toenemende mate over de in hun ogen hinderlijke clichés in het taalgebruik en ergeren ze zich aan de verplichte ingrediënten in de receptuur van de vrouwenthriller, zo blijkt uit een vergelijking tussen recensies van de thrillers in kwaliteitskranten en damesbladen.

door Leonie Stolk

Deze weerstand lijkt in strijd met het feit dat journalisten, naast uitgeverijen, bibliotheken en boekhandels, geregeld de schuld krijgen van de vercommercialisering die in de boekenwereld plaatsvindt. Journalisten zouden enkel nog oog hebben voor mooie en goedgebekte schrijvers en hun bestsellers, die goed liggen bij het Nederlandse lezerspubliek.

Geschreven in de taal van de wereld

In de strategische marketing van uitgeverijen worden lezers ‘consumenten’, boeken ‘producten’ en schrijvers uitgekiende ‘merken’. Uit winstbejag moet literatuur steeds meer plaats maken voor lucratievere lectuur, bijvoorbeeld de vrouwenthriller, die makkelijk te consumeren is. Het gaat om toegankelijke boeken waarvan de gebruiksaanwijzing wordt gegeven ‘op plekken die geen boeken zijn’, die duidelijke regels volgen en geschreven zijn in een universele code, zoals misdaadromans, zo stelt Alessandro Baricco in zijn essay De barbaren. Barbaren lezen boeken die geschreven zijn in een taal die ze elders, dus buiten de literaire traditie, hebben geleerd.

In hoeverre gaan boekenredacties mee in de heersende trend? Wordt commercieel succes beschouwd als bewijs van literariteit en artistieke kwaliteit? Uitgeverijen zouden het uiteraard graag zo zien. Op omslagen van (vrouwen)thrillers staat het predicaat ‘literaire thriller’, tot grote woede en frustratie van critici en literaire auteurs. Zo spreekt in 2009 Jeroen Brouwers van ‘trutboeken van welgeschapen chicklitblondjes’ en noemt Gerrit Komrij in een uitzending van Pauw en Witteman de boeken ‘lectuur voor middelbare meisjes’. Om het serieuze en literaire karakter van de thrillers te onderstrepen ontlenen uitgeverijen positieve quotes aan – bij voorkeur – recensies uit NRC Handelsblad, de Volkskrant en Trouw ter promotie van de boeken. Soms zien die blurbs geknipt uit negatieve beoordelingen.

Hengelen naar herkenning

Als de eerste Nederlandse vrouwenthrillers rond 2000 verschijnen, is er relatief weinig kritiek op het genre. De recensies in kwaliteitskranten worden negatiever naarmate de verkoopcijfers van de thrillers stijgen en er steeds meer ‘oestrogeenthrillers’ (zoals Gert Jan de Vries het genre in NRC Handelsblad noemde) van de Nederlandse schrijfsters verschijnen en de bestsellerlijsten domineren. De eerste vrouwenthrillers worden nog beschouwd als ‘acceptabele’ lectuur binnen het genre van het spannende boek. NRC Handelsblad en Trouw beoordelen in 2008 bijvoorbeeld Daglicht van Marion Pauw, dat De Gouden Strop won, nog relatief gunstig.

Op het hoogtepunt van het verkoopsucces, van 2009 tot 2011, wordt de toon echter aanzienlijk minder vriendelijk. De verhalen zijn volgens de recensenten flinterdun en passen teveel in een mal, worden te routineus geschreven en vertonen kant-en-klare emotie. Ze ‘hengelen aanhoudend naar herkenning’, schrijft Arjen Fortuin in het NRC over de thrillers in een recensie van Saskia Noorts Koorts in 2011. De Volkskrant geeft hetzelfde boek in een uitermate negatieve beoordeling de kwalificatie ‘vijfsterrenthruller, éénsterthriller’. In de meeste recensies worden het ‘doelgroepschrijven’ en het conformeren aan de regels van het genre aan de kaak gesteld.

Ook dat jaarlijks een ‘literaire thriller’ genomineerd is voor de NS Publieksprijs wordt niet gewaardeerd. Het schiet bij Hans Wansink in het verkeerde keelgat als Déjà Vu van Esther Verhoef voor de prijs van 2011 wordt verkozen boven nominaties met veel meer ‘soortelijk en literair gewicht’, zo schrijft hij in de Volkskrant. ‘Ook hier slaat het populisme ongenadig toe.’ Kwaliteitskranten lijken in deze context niet mee te gaan in de huidige trend van vercommercialisering.

Lezen als een raket

Damesbladen, daarentegen, blijven onverminderd positief over vrouwenthrillers in hun boekenrubrieken. In bijvoorbeeld Opzij en LINDA. krijgen ze kwalificaties als ‘meeslepend’, ‘zinderend spannend’ en ‘trefzeker’. Ze ‘gaan als een speer’ en ‘lezen als een raket’. Wat damesbladen als positief beschouwen, namelijk toegankelijkheid en leesgemak, wordt in de kranten juist als negatief ervaren. Het ‘lekker weglezen’ van een boek, dat geschreven is in de taal van de wereld, zoals Baricco dat formuleert, is in kwaliteitskranten juist geen aanbeveling.

Recent Related Posts

Reacties zijn gesloten.